Rivierwijkers: een volksclub met studentengrappen

 Rivierwijkers is een bijzondere club. Een echte volksclub, al bestaat het ledenbestand tegenwoordig vooral uit studenten en ex-studenten. Plat Utregs en studentengrappen gaan hier hand in hand. En daar zijn we trots op.

Rivierwijkers werd in 1947 opgericht door ‘Ome Nol’ Muyden. Destijds speelde de club nog in de Rivierenwijk, toen nog aan de rand van Utrecht. Het veld was een weiland, waar de koeien van verjaagd werden voor een wedstrijd en mollenklemmen een permanent gevaar voor gevoelige voetbalenkels vormden. 

Vele jaren later kreeg de vereniging een terrein aan de Koningsweg toegewezen van de gemeente en een zakcentje om een kantine te bouwen, schuin achter het huidige hoofdveld. Slim als ze waren bouwden de Rivierwijkers zelf een kantine en hielden zo nog een mooi sommetje over voor een biertje in het nieuwe onderkomen. Een jaar of vijf geleden besloot de gemeente Utrecht dat de oude kantine verplaatst moest worden en kreeg Rivierwijkers het huidige onderkomen. ’s Avonds vloeit het bier, overdag de appelsap van de kinderopvang. 

De oude kantine  De nieuwe kantine

Kom op een willekeurige trainingsavond langs aan de Koningsweg en je wordt met open armen ontvangen door de familie Imperatori. Wedden dat Grada Imperatori met haar haakwerkje in de hoek zit te keuvelen met schoondochter Cynthia, terwijl zoon Ron achter de bar een biertje voor je inschenkt. Vraag hem eens naar zijn loopbaan bij het Nederlands gehandicaptenelftal, je zult versteld staan. Goede kans dat Jorginho, de derde generatie van de Imperatori’s, een cd’tje voor je in de speler douwt of een sterk verhaal ophangt aan huisvrienden Henk of Joop. Het zal niet lang duren of je voelt je helemaal thuis in de gezellige huiskamer van Rivierwijkers. En dan komt Bert langs, met een inschrijfformulier. 

Cynthia en Grada  Ron

Bert Imperatori is al ruim twintig jaar verbonden aan Rivierwijkers, de laatste jaren als voorzitter. Zijn vader Mario kwam vanuit de Sabijnse bergen boven Rome naar Utrecht om bij de Bammens-fabriek in Maarssen vuilnisbakken in elkaar te schroeven. Op een dag belandde Mario in het ziekenhuis. Daar ontmoette hij Grada, een aantrekkelijke verpleegster. Het stel ging wonen in de Utrechtse Sterrenwijk, waar Ron en Bert opgroeiden.

‘Het was eigenlijk logisch dat we ons met zijn allen gingen inzetten voor Rivierwijkers’, vertelt Imperatori na een wedstrijd van zondag 1, waar hij ook nog leider van is. ‘Mijn vader, Mario, werkte toen bij de plantsoendienst. Dat kwam mooi uit, natuurlijk. Hij werd een soort manusje-van-alles bij Rivierwijkers. Mijn moeder en mijn broer kwamen er ook snel bij. Nu zijn ze hier niet meer weg te slaan!’ In 2007 overleed Mario Imperatori. In de kantine hangt een speciaal bordje ter ere van hem. Schuin boven het vaste plekje van Grada.

Wie goed rondkijkt in de kantine zal ook een oorkonde van de KNVB zien hangen. Die is van Gijs van Zanten, een ander icoon van de club. Van Zanten begon als klein Utregs jochie uit Oudwijk bij Rivierwijkers en is met een enkel uitstapje al 42 jaar verbonden aan de club. Ooit was Gijs hard op weg naar het betaalde voetbal en werd opgeroepen voor het Nederlands jeugdelftal, waarin hij onder meer met Van Basten, Rijkaard en Vanenburg speelde. Een zware knieblessure en problemen met zijn gezondheid dwongen hem te stoppen met voetbal. Sindsdien is hij trainer-coach geweest bij verschillende elftallen in de club. Dit jaar is hij verantwoordelijk voor zondag 1.

‘We hebben het wel moeilijk gehad, ja. De club had een slechte naam’, vertelt Van Zanten. Rivierwijkers speelde jarenlang in de derde en de vierde klasse. Op een gegeven moment ging de sfeer echter ten koste van de prestaties. ‘Sommige spelers wilden alleen maar tegen betaling komen trainen en dat werkte weer demotiverend op de andere spelers. In die tijd waren er veel incidenten waren op het veld.’ Imperatori vult aan: ‘Er zijn dagen geweest dat de tranen bij mijn moeder in de ogen stonden. Omdat haar jongens weer betrokken waren bij een ruzietje. Zo voelt ze dat toch, Rivierwijkers zijn haar jongens.’

Tegenwoordig leeft Rivierwijkers met tien teams als nooit tevoren. De zaterdagafdeling kent zes hechte reserveteams en een veteranenelftal. Het vlaggenschip van de club (6e klasse) komt uit op zondag, net als het tweede en derde elftal. Betaald wordt er al lang niet meer. ‘Dat hoeft ook niet’, weet Van Zanten. ‘Deze jongens zijn allemaal positief en gemotiveerd om beter te worden. Binnen een paar weken was het al een hele hechte groep. En dat merk je niet alleen op het veld, maar ook binnen de vereniging.’

‘Er hangt een hele positieve sfeer rond de club’, bevestigt voorzitter Bert Imperatori, ‘Een paar jaar geleden deden we alles zelf, maar nu merk je dat iedereen zijn steentje wil bijdragen, op zaterdag en zondag. Dan komen de prestaties vanzelf.’

De Amelisweerdcup speelt daarin een grote rol, verzekert Imperatori. ‘Daardoor hebben we nu een goede band met clubs in het hele land. Het toernooi is echt een topfeestje waar de hele club wekenlang naar uitkijkt.’  Met een knipoog: ‘En het is goed voor de bieromzet, dat is ook belangrijk.’